[English version]

De brief aan de Galaten, hoofdstuk 3, vers 25 tot 29.

25 Maar nu het geloof gekomen is, staan we niet langer onder toezicht, 26 want door het geloof en in Christus Jezus bent u allen kinderen van God. 27 U allen die door de doop één met Christus bent geworden, hebt u met Christus omkleed. 28 Er zijn geen Joden of Grieken meer, slaven of vrijen, mannen of vrouwen – u bent allen één in Christus Jezus. 29 En omdat u Christus toebehoort, bent u nakomelingen van Abraham, erfgenamen volgens de belofte.

Als moslims de hadj verrichten, de bedevaart naar Mekka, zijn ze allen eender in het wit gestoken. Onderscheid naar sociale status of ras is uit den boze. In Allah’s ogen is iedereen gelijk binnen de ene wereldwijde islamitische geloofsgemeenschap. Die heet in het Arabisch oemma, een woord verwant aan het woord voor ‘moeder’.

Christenen kennen de witte doopjurk. Belangrijker is een ander ‘kleed’: Christus. Je kunt Hem aantrekken als een kledingstuk waarin je verdrinken mag. Eigenlijk wórd je met Hem omhuld. In Hem wordt je heilig en rein. Baby of volwassene, je ondergáát de doop als ‘teken en zegel’ dat de Vader in de hemel jou in Christus als kind adopteerde.

Je krijgt ook gelijk een nieuwe ‘moeder’. Dat woord komt nog in hoofdstuk 4:26. Een mooie naam voor de ene ‘heilige, algemene kerk’, de ‘gemeenschap’ van allerhande ‘heiligen’. Joodse christenen die besneden waren, hoefden zich niet te schamen voor die ingreep. Ze konden zich evenmin nog laten vóórstaan op het oude sacrament. De verwijdering van de voorhuid werd door Christus Jezus’ komst overbodig voor Grieken, Kelten, Zoeloes en Groningers. Door de dóóp mochten ze delen in de voorrechten van hun oudste broers en zussen.

Blanke Nederlanders hebben geen streepje voor op christenen van elders. Iedere gemeente zou een veelkleurige ‘samen-op-weg-gemeente’ moeten willen zijn. Lastig? Welnee, het smaakt naar nog meer!

Passen moslims in Nederland? Nederlanders van Turkse komaf in de kerk? Een donkere ouderling in een blanke kerk? Een witte kerk in een zwarte wijk?
Liedboek 320:2

Kinderen van eenzelfde Vader
Komt nu tesaam van zuid en noord.
Van oost en west treden wij nader
Tot dit welaangename oord.
Kracht van de jeugd,
Breng nu verheugd
De stenen bij elkaar.
God helpt u wonderbaar.