Ik ben salafist.

Althans, dat zegt burgemeester Aboutaleb in een spraakmakend interview[1]. Onder salafist verstaat hij iemand die graag op zijn voorganger wil lijken in doen en laten. Zo bekeken is ook een Christen eigenlijk Salafist, die in doen en laten op Jezus wil lijken.

Aboutaleb wilde met zijn interview en opmerkingen eigenlijk het Salafisme terug kapen. Zoals U2 het lied Helter Skelter van de Beatles terug stal van Charles Manson[2]. Want Salafisme wordt gekaapt door extreem fundamentalistische moslims, die alles wat Mohammed gezegd en gedaan heeft 1400 jaar geleden ook nu nog letterlijk willen uitvoeren. En daar horen ook al die lelijke kanten bij, zoals ISIS die laat zien. Maar elk gezond denkend mens ziet in dat, ook al deed Mohammed in zijn context bepaalde dingen, wij leven in een tijd en wereld waar dat niet meer kan. En Mohammed moet daarin dus ook niet nagevolgd worden. Salafisme moet daarom niet meer staan voor extreem gewelddadig terrorisme gebaseerd op Mohammed, maar juist op al die goede dingen die Mohammed ook deed en waardoor hij, volgens moslims, ‘genade voor de wereld’ genoemd wordt. Aboutaleb kaapt het begrip terug en dat is begrijpelijk. Maar is het terecht dat hij daarin ook maar meteen christenen insluit? Kaapt hij zo niet eigenlijk op zijn beurt de betekenis van Christen zijn? Dat lijkt er wel op.

Bij het Kruispunt hebben wij dikwijls gespreksgroepen georganiseerd tussen moslims en christenen, waarbij deelnemende moslims herhaaldelijk uitlegden dat moslims ‘na-apers’ zijn. ‘We willen Mohammed zoveel mogelijk nadoen’. In de lijn van Aboutalebs Salafisme dus.

Mohammed nadoen is dus heel belangrijk. Dat kan gaan over een djallaba dragen, tandenpoetsen met een siwak (een soort hout-takje), met de juiste woorden een wc binnenstappen of je eten opeten. Zo ben je op de juiste weg naar de hemel.

Maar zijn christenen op die manier ‘Jezus-na-apers’? Ik heb geen idee hoe Jezus zijn tanden poetste. Wel weet ik dat Hij het geen probleem vond dat zijn leerlingen hun handen niet wasten, toen ze in het open veld van wat graan aten.

Jezus roept ons niet op Hem in alles letterlijk na te doen. Maar wel om Hem na te volgen. Daarin gaat het niet om de uiterlijke daden, maar om ‘de gezindheid van Jezus’: Je laat alles achter je, wat in deze wereld zo belangrijk lijkt, en waar je zo aan kan vast zitten. Want alleen als je helemaal vastzit aan Jezus zelf, kun je het rijk van God binnengaan. Dát leerde Jezus in zijn ontmoeting met een rijke jongeman[3], die alles goed deed volgens de regels van de wetten. Maar hij kon niet loslaten en loskomen van zijn eigen prestaties en bezittingen.

Voor christenen gaat het dáárom. Loslaten van alles wat je zelf kunt doen. Maak je zelf helemaal leeg, vertrouw op niets wat tijdelijk is in deze wereld, maar wees arm, in vertrouwen op Jezus. Met de gezindheid van Jezus: Hij was in alles schat-hemeltje-rijk omdat hij bij God was. Dát liet Hij allemaal achter, hij gaf het op, om arm te worden zoals wij mensen. Zó kon hij de macht van het kwaad in deze wereld breken, en de weg naar Gods wereld ontsluiten. Door alles te verliezen, won Jezus zo de mensen terug voor God[4].

Wat Jezus deed, kunnen wij nooit, met geen mogelijkheid nadoen. Een Salafist denkt dat hij dat wél kan: Zélf de weg naar God ontsluiten door iemand, een mens, tot in details na te doen. Maar de werkelijkheid is dat alleen God zelf jou bij Hem kan thuisbrengen. Door Jezus, de weg. Die mens werd, zoals mens-zijn bedoeld was. Alleen in zijn kracht kunnen wij in het spoor van onze Voorganger in deze wereld laten zien wie God is en wat Hij voor ons gedaan heeft.

Zíjn lijdensweg is onze weg naar het Leven.

Het is begrijpelijk dat Aboutaleb zo’n controversieel begrip terug wil kapen ten goede. Maar het maakt een Christen – een Jezus-volger – nog geen Salafist. Een Salafist is misschien een na-aper. Een Christen is een navolger.

 

Martijn Leeftink

 

noten:

[1] https://www.nporadio1.nl/achtergrond/7347-aboutaleb-bij-didd

[2] “This song Charles Manson stole from the Beatles. We’re stealing it back”, album Rattle and Hum.

[3] Te lezen in de Bijbel, Marcus 10.

[4] De Bijbel, Filippenzen 2:5 en verder.